Ann W. Mogelijk gemaakt door Blogger.
RSS

Wat ik op reis wel vind en thuis (nog?) niet

My goal is to create a life I don’t need a vacation from, las ik onlangs in één van mijn oude Psychologie Magazines. Tijdens de paasvakantie zijn we een week op reis geweest naar Nederland en deze spreuk spookte geregeld door mijn hoofd. Wat maakt dat ik zo’n nood heb aan reizen (met mijn gezin)? Wat vind ik daar? En vooral: hoe zorg ik ervoor dat ik daar thuis meer van heb? 

De eerste dagen van de vakantie moest ik wennen aan het reisritme. Een vreemde omgeving, een nieuw (t)huisje, een nieuwe routine, … en dat andere bed dat toch niet zo goed is als dat van thuis (volgens mijn man zelfs slecht). Op reis mis ik de kleine dingen van ons eigen huis weer. De goede koffie ‘s morgens, de lekkere boterham, mijn vertrouwde winkel, een oven en microgolfoven ter beschikking hebben, mijn bad, … en dat vind ik eigenlijk heel erg fijn. Ik kan ervan genieten tijdelijk minder comfort te hebben. Eenmaal thuis ben ik dan weer erg blij met al die dingen die ik toch weer net dat tikkeltje te vanzelfsprekend nam. 

Wat ik nog apprecieer aan vakantie is de afstand tussen mij en mijn familie en vrienden. Dat klinkt misschien negatief, maar dat is zo zeker niet bedoeld. Ik zie de mensen in mijn omgeving graag; ik zou ze nooit lang kunnen missen. Maar een week of enkele weken afstand nemen van alles en iedereen doet me deugd. Zo kreeg ik de eerste dagen van de vakantie een bericht van mijn schoonvader met een link naar één of ander artikel en een SMS van mijn moeder over het communiecadeau van mijn nichtje. Leave me alooooone! Op reis wil ik even niet met die dagdagelijkse dingen bezig zijn. 

Naast afstand is het net de nabijheid tot mijn gezin waar ik op reis zo van houd. Op vakantie is er even geen was of strijk, geen gras dat gemaaid moet worden en geen ellenlange to do lijst die op me wacht. Op vakantie telt alleen de tijd voor mezelf, voor mijn man en de kinderen. Dan kunnen de wederhelft en ik ons meer met de kleintjes bezig houden (en met elkaar) en wordt er extra gespeeld en geknuffeld. We hebben al poetshulp, misschien ook een tuinman en huishoudster inhuren zodat we deze trend thuis kunnen verderzetten? Haha. 

We hebben afgelopen reisje echt fijne dingen gedaan. We hadden een bungalow gehuurd voor een week in vakantie- en pretpark Slagharen (voor een redelijke prijs). Alles was mooi verzorgd en het pretpark was niet supergroot maar dik in orde. We zijn naar een geweldige dierentuin geweest (Wildlands Adventure Zoo), bezochten het grootste Dolfinarium van Europa (met een indrukwekkende dolfijnenshow) en hebben in Giethoorn (mijn man wist me te vertellen waarom het stadje zo noemt, maar die anekdote ga ik jullie besparen) (sorry schatje) een boottochtje gemaakt. Het boottochtje was trouwens alleen met mijn man (die het bootje bestuurde) en met de kids. Op een bepaald moment vaarden we langs kanalen tussen mooie huizen en begreep ik echt waarom ze dit het Venetië van Holland noemen. Niet veel later kwamen we aan bij een meer en kreeg ik zelfs even hetzelfde gevoel als in de Everglades (echt waar).

Nieuwe plaatsen ontdekken, mooie natuur zien, het gevoel dat het leven soms echt kan verrassen, ... Dat vind ik ook belangrijk aan reizen. 

Aan dit alles houd ik momenteel volgende aandachtspunten over om toe te passen in mijn every day life

- meer gezinstijd of meer genieten van de gezinstijd die er is 
- echte aandacht aan de kids geven (niet afgeleid worden door GSM of to do’s) 
- even weg zijn van alle comfort (je weet pas wat een luxe het is om een oven en microgolfoven te hebben, van zodra je er geen ter beschikking hebt) 
- afstand van multimedia en het altijd bereikbaar zijn (Misschien kan ik GSMloze dagen of uren inlassen?) 
- regelmatig op uitstap gaan met het gezin (plus eventueel vrienden of familie) 
- nieuwe dingen doen/ontdekken (naar een museum, speeltuin, … gaan die we nog niet kennen) 
- dicht bij de natuur blijven (vaak gaan wandelen en buiten zijn/spelen)

Maar echt een leven creëren waarvan ik geen vakantie nodig heb? Ik weet niet of dat me gaat lukken. Ik ben tevreden met mijn leven, maar de kinderen moeten nu eenmaal naar school, mijn man moet werken, ik moet het huishouden runnen, … en van dat leven ga ik echt wel geregeld een break nodig hebben. 

Sfeerbeelden:

Ons huisje voor een week

De favoriete attractie van onze bengels

De kleine meid in het grote pretpark

Welkom in Wildlands Adventure Zoo

In haar element in Giethoorn (bootje varen)

Tot slot: Mijn vraag voor jullie

Zijn er echt mensen die een leven hebben waarvan ze geen vakantie nodig hebben? Laat het me dan aub weten! En wat je geheim is :-)


Volg mijn blog via Bloglovin

  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS

Dromen van geluk

Deel 1: Expedition Happiness

Van zo lang ik me kan herinneren, ben ik al op zoek. Dat zit in mijn aard. Denken, vragen stellen, ploeteren, graven, ... in de hoop dat ik ooit antwoorden vind. Hét doel van al dat zielzoeken is nu al 15 jaar: geluk. Ik wil, simpelweg, gelukkig zijn. 

Door een afwezige vader, problemen in mijn jonge jaren en het tegenkomen van verkeerde mensen is dat geluk er lange tijd niet geweest. De tijd dat ik daar droevig van werd, is intussen voorbij. Ik heb altijd een mama gehad die mij graag ziet, die me liefde en een warm nest bood, twee grote, zorgzame broers om me heen en iemand die een soort vaderrol in dat plaatje vervulde. Dat is volgens mij mijn redding geweest. (Onder andere) door die basis kan ik nu zeggen: wat gebeurd is, is gebeurd. Ik kies zelf wat ik verder met mijn leven doe.

Na een heel ongelukkig jaar, wil ik vooral weer gelukkig zijn. "Oh, innerlijke wijze, hoe word ik dat opnieuw?" (Joepie, ik heb terug contact met de wijze in mezelf.) Inderdaad, opnieuw. Ooit was ik dus al gelukkig. Dan denk ik vooral aan de jaren dat mijn man en ik net getrouwd waren. Er liepen nog geen kindjes in huis rond en ik gaf therapie aan jongeren bij Tejo. Mijn man en ik gingen vaak en graag op reis, ik schreef voor mezelf en voor een reisblog, deed dan ook nog eens mijn vrijwilligerswerk waardoor mijn leven erg avontuurlijk, afwisselend en zinvol leek. Ik deed wat ik graag deed, volgde mijn passies en voelde me gewoon goed.

Veel reizen, schrijven en therapie geven zaten er de laatste tijd niet in als fulltime mama met een auti kleuter en veeleisende peuter. Maar het verlangen groeit om dit oude, gelukkige leven terug een plaats te geven en te integreren in het nu. Met de beperkte plaats die daar voorlopig voor is. (Plaats kan je natuurlijk ook een beetje maken... Nietwaar?)

Sommige dingen komen pas op je pad als je daar klaar voor bent. Zo kreeg ik een paar weken geleden de trailer van 'Expedition Happiness' (op Netflix te bekijken) voor mijn neus. Een jong hipsterkoppel uit Duitsland koopt een Amerikaanse bus, ze maken er een heuse kampeerwagen van en rijden hiermee samen met hun hond door Amerika. (Het plan was Noord- en Zuid-Amerika, maar dat is net iets anders gelopen door hun lieve viervoeter.)


Het was heerlijk om hen eerst de bus tot een kampeerwagen te zien ombouwen terwijl we gelijkaardige plannen hebben met onze eigen Volkswagenbus (die binnenkort mooi gelakt van de garage gaat terugkomen), om hen er daarna mee te zien rijden langs mooie landschappen, lekker te zien eten onderweg en te genieten van elkaars gezelschap. Intussen kwamen de herinneringen aan onze eigen reizen weer naar boven. Wat waren we ooit toch cool, hé schatje. Samen op de motor en later in de hippiebus. 

Het mooiste is misschien wel de conclusie van het Duitse Koppel. Naast veel onvergetelijke momenten is reizen vaak afzien. Na verschillende tegenslagen verlangden de twee jonge mensen ernaar terug naar Duitsland te keren en zich te settelen. Hun zoektocht naar geluk leidde uiteindelijk gewoon naar huis, naar het leven dat ze al hadden.

Die avond gaf ik mijn man een dikke kus (en oh, wat ziet hij er goed uit). Ik nestelde me tussen mijn twee lieve kindjes in bed en luisterde naar hun ademhaling. Dat geluid dat ik zo vaak hoorde, bracht me toen aan het lachen. Ik kon het weer de waarde geven die het eigenlijk verdiende. Wat was ik blij dat mijn gezin gezond en (redelijk) gelukkig is. Voor het eerst in lange tijd sloot ik mijn ogen met een lach. Blij en vol zin in het leven (zelfs zo veel zin en energie dat ik niet meteen in slaap kon vallen). Ik wist op dat moment dat ik alles had om gelukkig te zijn en voor het eerst in lange tijd… was ik dat ook.

Is het toeval dat dit het citaat van de dag
was in mijn dagboek?


Deel 2: Waren het slechts dromen?

Na regen komt zonneschijn, maar het werkt jammer genoeg ook andersom. Mijn man vertrok voor drie weken naar zijn boot en ik geraakte weer helemaal overprikkeld. Na één week alleen voor de kids zorgen, zat ik al huilend in de badkamer en leek die gelukkige Ann ver weg. Toch heb ik ondanks de moeilijke momenten de afgelopen weken (eigenlijk vooral door vermoeidheid veroorzaakt) terug een houvast in mezelf gevonden. Ik weet dat het maar tijdelijk is en dat ik binnenkort weer (met wat extra hulp en rust) een happy Ann zal zijn. (Ik had trouwens hulp ingeroepen om die mental breakdown te voorkomen, maar mijn hulplijn werd onverwachts geveld door de griep.)

Ik verzorg mezelf ook beter. Nu weet ik wat me helpt om erdoor te komen (al voel ik de effecten ervan niet meteen). Gezond eten (ook al wil ik net het tegenovergestelde doen als ik overprikkeld ben), geregeld mediteren en momenten inlassen waarbij ik even stilsta bij mezelf. Zo schrijf ik elke ochtend in mijn 'Morning pages' hoe ik me voel. Ik teken eigenlijk mijn emmer en wat er in zit, en welke positieve of negatieve dingen er spelen die mijn gemoedstoestand beïnvloeden. Indien nodig kan ik dan ingrijpen en mijn dag mogelijks toch al iets beter maken. Ik ben me veel bewuster van mezelf en kan daardoor veel beter met mezelf omgaan.


Maar bovenal is er terug zelfliefde. En dat is één van de mooiste cadeaus die ik aan mezelf kon geven.



  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS

En toen werd ik... hoogsensitief

Ik weet het, hoogsensitief wordt je niet ineens. Dat ben ik waarschijnlijk altijd al geweest. Toch wist ik dat een jaar geleden nog niet. Toen zat ik nog op het diepste punt van mijn depressie. Op momenten werd het me allemaal zo veel dat ik huilend in een hoekje in elkaar kroop. Intussen is er veel veranderd: mijn autistische zoontje (bijna officieel!) is zindelijk en gaat naar school, mijn dochter is een peuter die zelfstandig en genoeg eet (vaarwel eetproblemen en eindeloze kopzorgen), we hebben een poetsvrouw waardoor er tijd en ruimte is om extra met ons zoontje aan de slag te gaan (dag schuldgevoel), ik ben in therapie gegaan, heb me verdiept in mindfulness en meditatie, mijn man en ik zijn volop uit onze relatieproblemen aan het klimmen, … én vooral: ik heb geleerd dat ik hoogsensitief ben.

Origineel: studiokind.nl

Intussen is er een nieuw jaar gestart en ben ik klaar voor een nieuw begin. Meer en meer kan ik terug genieten van mijn leven, mijn relatie en mijn gezin. Ook ben ik blij met de kansen die 2017 (aka het meest ellendige jaar van mijn leven) me geboden heeft. De kans om mezelf op een heel andere manier te leren kennen, om te leren wie de meest dierbare mensen in mijn leven zijn, op wie ik écht kan rekenen, wie/wat me energie geeft versus energie vraagt én om te zoeken naar antwoorden op vragen die zich niet langer laten wegduwen. Vragen zoals: Waarom lijkt alles bij mij zo veel moeizamer te gaan dan bij anderen? Waarom voel ik me al heel mijn leven anders?

Neem nu werken. In 2007 heb ik mijn eerste diploma (Bachelor in de Toegepaste Psychologie) behaald. Nadien heb ik acht maanden gewerkt op een dagcentrum binnen de Bijzondere Jeugdzorg. Daar begeleidde ik jongeren en hun ouders, en stond ik in een leefgroep. Elke avond kwam ik kapot thuis, op van de stress en vermoeidheid. Ook stages hebben altijd veel van me gevraagd. Niet alleen het werken, maar ook de verplaatsingen die doorgaans met het openbaar vervoer of met de auto door de (toen nog niet zo grote) monsterfiles waren. In plaats van jong en vol zin in het leven, geraakte ik helemaal gedemotiveerd. Ik kon het niet opbrengen om het leven te leiden waar zo veel anderen met plezier voor leken te kiezen.

Jaren heb ik me staande kunnen houden. Ik werkte wel, maar op mijn manier: vrijwillig en slechts enkele dagen per week. De rest van mijn tijd spendeerde ik aan schrijven, reizen en verbouwen. Alles ging goed. Tot mijn man en ik besloten om aan kinderen te beginnen.

Eén kind kon ik best bolwerken. Mijn zoontje was een vrij gemakkelijke baby. Naast het overdreven veel zeuren (waardoor ik af en toe wel een pauze van hem nodig had), was het een braaf kereltje. Toen nummer twee er bijkwam, is het echter faliekant misgelopen. Mijn leven werd te zwaar; ik kon het niet meer aan. Hadden andere ouders het ook zo moeilijk? In een gesprek met mijn schoonouders polste ik naar hun ervaring met het grootbrengen van twee kinderen. Mijn schoonmoeder is immers ook thuisblijfmama geweest en heeft twee kinderen grotendeels alleen opgevoed. Volgens haar ging het, en ik citeer, “allemaal vanzelf”. De moed zonk me in de schoenen en ik geraakte ervan overtuigd dat het aan mij lag.

Dat is misschien wel gedeeltelijk zo, maar niet om de reden die ik toen dacht.

Vorig jaar bleek mijn zoontje autisme te hebben. Naast vragen zoals “Hoe pakken we hem het beste aan?” gingen mijn man en ik ook nadenken over ons eigen functioneren. Even heb ik met de gedachte gespeeld dat ik misschien autisme had, maar dat beeld heeft altijd meer bij mijn man gepast. Wat ik echter wel bij mijn zoontje herkende, is zijn hoge gevoeligheid (voor emoties van anderen, geluiden, drukte, ...). Niet veel later las ik een artikel over het boek van Fleur van Groningen waarin ze haar ervaring met hoogsensitiviteit beschrijft. En de bal begon te rollen…

Moe zit ik nu in mijn favoriete koffiehuisje. Overal om me heen zijn er lichten en geluiden. Ik heb me in een hoekje gezet met de rug naar de meeste mensen zodat ik een minimum aan beweging zie. De gesprekken probeer ik naar de achtergrond te verdrijven, maar ik hoor geregeld toch stukken van zinnen of de serveerster die beleefd een koffie naar haar klanten brengt. De spanning begint zich op te bouwen in mijn nek en als ik hier te lang blijf zitten, zal ik ongetwijfeld met hoofdpijn naar huis terugkeren.

Het boek 'Leven zonder filter' is tot nu toe een feest van herkenning. De gevoeligheid voor geuren, visuele prikkels zoals fel licht, de emoties van anderen (vb. het ochtendhumeur van mijn man of mijn meisje dat overstuur is wanneer ze (weeral) een tand krijgt), het haarscherp aanvoelen van de emoties/gedachten/gezichtsuitdrukkingen van gesprekspartners, … Menigtes zijn absoluut niet aan mij besteed (zo hou ik van Kerstmis, maar haat ik de kerstdrukte), in groepen stel ik me eerder afzijdig op en in een taverne zet ik me best met mijn gezicht naar een muur of je kan geen deftig gesprek met me voeren. Eindelijk kan ik dat alles en meer in het hoogsensitieve plaatje passen.

Nu snap ik waarom ik extra van streek ben als één van de kinderen huilt of waarom ik niet tegen ruzie maken kan (de boosheid van anderen kan ik niet verdragen). Waarom ik gek word van luid en druk spel en elke week nood heb aan één kinderloze dag. Of waarom ik Bumba definitief de ruimte in zou willen schieten en de rust van Tik Tak (of helemaal geen televisie) prefereer.

Mijn hoogsensitieve aard beïnvloedt mijn moederschap ongetwijfeld op nog veel meer gebieden. In mijn voordeel, maar ook in mijn nadeel. Nu ik mij hier bewust van ben, kijk ik er enthousiast naar uit om te ontdekken wat het juist betekent om mama én hoogsensitief te zijn. Plus... te leren het beste te maken van die combinatie. Wat een geweldig voornemen voor dit jaar! Dat én verder bouwen aan mijn geluk.

Wordt vervolgd...

  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS

Am I losing it (again)?

Dat vraag ik me de laatste tijd geregeld af. Ongeveer een jaar geleden is mijn depressie begonnen. Daar wees een herinnering op Facebook me op. Een jaar geleden heb ik blijkbaar een link naar mijn blog gedeeld, naar het artikel over de gevoelige peuter, een huilende mama en de baby die niet goed wou drinken. De huilende peuter is nu een vaak boze of droevige kleuter met autisme geworden, de mama is nog altijd heel gevoelig en leert zichzelf op dat vlak beter kennen en de baby is nu een peutermeisje dat nog steeds maar net genoeg eet (maar ze is gelukkig en gezond, thank god).

Het bewijs :-)
Makkelijk is het nog steeds niet. Gelukkig voel ik me nog steeds niet. Soms gaat het wel makkelijker en soms heb ik wel gelukkige momenten. Er zijn periodes dat ik terug meer energie heb, maar ik lijk het nog niet te kunnen vasthouden. Gelukkig kan ik wel geregeld van mijn kinderen genieten en heb ik niet meer het gevoel dat het life sucking monsters zijn. Ze kunnen me terug energie geven. Joepie! Maar op avonden zoals deze besef ik wel dat ik nog steeds veel moet dragen en er nog steeds best alleen voor sta.

De kleine man gaat sinds enkele weken drie dagen in de week voor een hele dag naar school. Dat is enerzijds een fijne verandering, want dat brengt overdag meer rust, maar er helemaal van genieten is nog niet aan de orde. Mijn kleuter komt redelijk overprikkeld en moe thuis na een hele dag school en is een emmer dat bij het minste overloopt. Deze keer was de druppel onze buurvrouw die onverwacht in onze tuin wandelde. (Ze komt soms groentenafval aan onze kippen geven, wat ik erg fijn vind.) Ik wuifde haar gedag en vroeg even te wachten om bij te praten. Ze zag mijn zoontje en vroeg aan hem hoe het op school was. Zoals meestal bleef hij gefocusd bezig met zijn auto en reageerde hij niet op de vraag. Niet zo erg. Dat was nog niet dé trigger. Wel zijn mama, die zin had om met de buurvrouw te praten en daardoor niet voldoende op zijn vraag om hulp in ging. Niet veel later ging er een boos en huilend ventje naar binnen.

Het volgende half uur bestond uit manieren zoeken om hem terug rustig te krijgen. In zo’n boze en droevige bui doet hij gelukkig niemand pijn (dat hoor je vaak bij kinderen met autisme), maar hij kan zich zo in zijn emotie verliezen dat hij helemaal ontroostbaar wordt. Hij wil gepakt worden, maar wil snel weer losgelaten worden. Hij wil zijn 'tutje', maar gooit die ook meteen weer weg… Het lukte me best goed deze keer om zelf gegrond te blijven en de rust te bieden die hij nodig had om weer de rust in zichzelf te vinden. We keken samen op de gsm en knuffelden (hij speelde terwijl met mijn haar, dat doet hij altijd om te kalmeren) en het lukte me zelfs om onze kleine meid zichzelf even te laten entertainen. Dat heb ik goed gedaan, dacht ik toen nog.

Later op de avond merkte ik wel dat ik prikkelbaarder werd. Het zeuren van de kleine man of huilen van de nog kleinere meid leken driedubbel binnen te komen en ik geraakte zelf helemaal overprikkeld. Dingen die me anders niet storen, kunnen dan aanleiding zijn tot een hap en een snauw. Zoals mijn kleuter die helemaal niet wou meewerken bij het aandoen van zijn pyjama. Eenmaal boven probeerde ik zoals elke avond tegenwoordig twee keer 'Milan gaat naar school' voor te lezen. Dat is de ultieme favoriet van ons meneertje, al meer dan een maand ondertussen. Zijn zus is het boekje bijgevolg al helemaal beu (en mama ook) en wou absoluut niet rustig mee kijken. Omdat ik mijn kleine peuter continu in het oog moest houden, kon ik me niet op het voorleesboek focussen. Dat stoorde me mateloos. En toch is ze er nog in geslaagd om in dat ene onbewaakte moment van het bed te sukkelen. Met een grote bonk en veel drama tot gevolg. Zij huilde ontroostbaar en hij werd door haar verdriet overmand. Op dat moment verloor mijn zoontje dan ook nog eens de controle over het glas water in zijn handen en morste zijn pyjama en het bed helemaal onder.

Dat was er te veel aan. De moeheid en vermoeiheid, de moeilijke periode van ons zoontje, zijn huilbui eerder op de dag, het gezeur later vanavond, het luide huilen van mijn meisje, het schuldgevoel omdat ik haar val niet had kunnen voorkomen, mijn zoontje die mee begon te huilen… én dan… nog eens morste ook! (Bovendien haat hij morsen en moet natte kledij meteen vervangen worden. Ik wist dus wat me weeral te wachten stond.) De mama die het allemaal onder controle had en nog geduld kon opbrengen, maakte plaats voor de boze mama die net weer iets te hard begon te roepen. En dan volgde de droevige blik in de ogen van mijn kleine man die mijn hart helemaal in elkaar deed krimpen (wat is er met mama aan de hand?).

Een jaar geleden had ik me er allemaal meer in verloren. In het schuldgevoel om wat er gebeurd was. In de angst om te "hervallen” die me op moeilijke momenten weer komt bezoeken. Am I losing it again?

Ik beslis om me te proberen focussen op wat er wel goed gegaan is.
Ik heb zijn huilbui na school goed opgevangen.
Ik heb mijn geduld verloren en te hard geroepen, maar gelukkig ook niet meer dan dat.
Er zijn al duidelijk bepaalde omstandigheden veranderd, door tijd of door mijn toedoen.
En ook ik ben niet helemaal dezelfde Ann meer van een jaar geleden. Terug een beetje sterker. Stap voor stap.


Maar wat kijk ik uit naar de dag dat ik terug blij kan verkondigen dat alles goed met me gaat. Dat ik geen moe of prikkelbaar stuk mens meer ben. Dat ik blij ben met mijn leven en gezin. Dat er rust is, in mijn hoofd en in mijn hart. Ik ben er klaar voor.

  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS

Zo'n stempel kan ook goed zijn

Ons zoontje, voor wie nog veel deuren mogen opengaan...

Tien jaar geleden werd ik in mijn opleiding Toegepaste Psychologie met waarschuwingen gebombardeerd: Pas op met het stellen van een diagnose; dit kan erg negatieve gevolgen hebben voor een kind. Een terechte boodschap in een tijdperk waarin er met stempels gestrooid werd. Een (onterechte) diagnose kan zeer nadelig zijn o.a. voor het zelfbeeld van het kind. Verder liggen de nadelen voor een groot deel bij de omgeving (vind ik). Leerkrachten, ouders, familie, ... zouden het kind kunnen reduceren tot zijn diagnose en alle gedrag van daaruit gaan bekijken. Een kind met autisme blijft in de eerste plaats een kind. Hetzelfde voor een kind met ADHD, dyslexie, ... en dat leek men lange tijd te vergeten.

Intussen heb ik echter geleerd dat een diagnose ook voordelen kan hebben. En dat vooral door mama te zijn van een kindje dat volgens mijn man en mezelf (en nog een aantal anderen) op het spectrum thuishoort...

Bijna een jaar geleden nam een verpleegster van Kind & Gezin voor het eerst het woord autistoform gedrag in de mond. Onze kleine man was toen 2,5 jaar en kreeg een gigantische driftbui nadat de lieve vrijwilligers hem wilden meten. Hij wou niet luisteren of meewerken aan de opdrachten die de verpleegster hem aanbood en maakte voortdurend een zeurend geluid. Aan dat zeuren waren wij trouwens zo gewend dat het ons al helemaal niet meer opviel. Vooral voor mij was het even schrikken toen de verpleegster haar bedenking deelde. Even. Daarna viel er eindelijk een stuk van de puzzel op zijn plaats. Daarom is ons zoontje dus anders!

Een jaar later is hij bijna volledig zindelijk, zegt hij meer dan honderd (vooral zelfgemaakte) woorden, krijgt hij een pak minder driftbuien en gaat hij enorm graag naar school. Maar anders is hij nog steeds. Dat zal hij ook altijd zijn. Mijn man en ik hebben zijn ‘anders zijn’ intussen volledig aanvaard (we houden er zelfs enorm van) en hebben gebruik gemaakt van het afgelopen jaar om ons verder in zijn autisme te verdiepen. We zijn een paar keer langs een auticoach geweest, hebben verschillende boeken gelezen en zijn intussen een jaar van creatief zoeken, uittesten, vallen en opstaan rijker. We zijn trots op de stappen die wij en hij al gezet hebben. De kleine grote successen. We geloven in hem en zijn toekomst. Maar makkelijk, nee, dat is het niet.

Zijn zusje van één jaar heeft duidelijk geen autisme. Zij ontwikkelt met het grootste gemak. Op haar veertien maanden heeft ze al een tientallen woordjes (of klanken die toch erg in de buurt van het juiste woord komen) en ze probeert er steeds meer en meer na te zeggen. Ze kijkt naar ons en doet ons na. Intussen is ze helemaal into stappen en wil ze niets anders dan oefenen. Wat een verschil met haar broer die altijd zo in zijn eigen wereldje vertoefde en zo hard moest/moet werken om elk stapje in zijn ontwikkeling. Onze dochter maakt voortdurend oogcontact, lacht met en naar ons, kijkt als we ergens naar wijzen en wijst op haar beurt naar de dingen die zij interessant vindt, ... Onze zoon deed niets van dat alles. Toch zeker niet toen hij zo oud was als haar. Door onze dochter bezig te zien valt het nog meer op hoe anders onze grote man is. Zij neemt alles in zich op als een spons, terwijl het bij hem zoeken is naar wegen om door zijn harnas doorheen te prikken.

Mag ik wel zeggen dat we enorm genieten van onze kinderen? Het afgelopen jaar hebben we gezocht hoe we ons zoontje het best konden helpen. We hebben hem vergezeld in zijn wereld tot hij interesse begon te tonen in die van ons. We hebben manieren gezocht om hem zindelijk te krijgen, wat een hele weg geweest is, en ontdekten dat hij een kei is in puzzelen. Een activiteit die we nu met plezier samen doen. Momenteel is het weer zoeken naar een weg om hem te stimuleren in zijn taal. Intussen wil hij al woordjes gebruiken, maar nu moet hij nog die van ons willen gebruiken. (Niet zijn eigen, doch erg mooie, taal. Een ster is bijvoorbeeld een 'sedeleh', een monstertruck is een 'kesseki' en zijn boekentas is de 'kettekas'.)

We zijn dankbaar om de stappen die hij zet, maar ook met de vooruitgang van ons meisje. Het is zelfs een beetje een wonder hoe gewoon en makkelijk het bij haar gaat. Iets wat door andere ouders en kinderen heel vanzelfsprekend genomen wordt, voelt voor ons aan als pure magie.

Ons zoontje doet het best goed, en toch willen we hem graag laten testen. Dat was in het begin zeker niet het geval. Na het fameuze bezoek aan Kind & Gezin, gingen we naar een auticoach. Is testen wel het beste voor hem? Kind & Gezin wou ons doorverwijzen, maar zelf twijfelden we. De auticoach heeft ons geholpen in te zien dat een diagnose veel voordelen kan hebben. Zo opent dat papier de deuren naar hulp en schept het duidelijkheid (voor de omgeving en voor henzelf). Haar ervaring was dat kinderen eigenlijk best wel goed met hun diagnose kunnen omgaan en het als een deel van zichzelf aanvaarden. (Zo lang de omgeving maar hetzelfde doet.) Kindjes die anders zijn en geen diagnose krijgen, kunnen zich heel hun leven afvragen wat er ‘mis is met hen’. In deze gevallen kan een stempel net goed zijn voor het zelfbeeld en heel wat ellende voorkomen.

Mijn man en ik willen ons zoontje laten testen en hopen zelfs op een diagnose (hoe gek dat misschien ook mag klinken). Voor ons zou dat papier duidelijkheid brengen (een kader waarbinnen we met anderen kunnen communiceren) en een stok achter de deur zijn voor het geval er bijvoorbeeld problemen opduiken op school.

Mijn man heeft zelfs schrik voor een leven zonder diagnose wat ons zoontje betreft. Zelf heeft hij zich altijd anders gevoeld en heeft hij nooit begrepen waarom. Hij kan nu zien dat hij zelf waarschijnlijk autisme heeft en dat heeft hem veel deugd gedaan. Er is een zekere rust gekomen. Hij begrijpt zichzelf beter. Dat willen we ook voor onze kleine man.

Onze kinderpsychiater wil echter niet bepaald meewerken.

In juli zijn we met onze zoon op een eerste gesprek geweest. Hij deed het echt heel goed. Hij kwam mooi tot spel, zocht contact met ons, heeft samen met ons een boekje 'gelezen', maakte 'oogcontact' met haar (we denken dat hij naar haar bril keek), ... Haar (voorbarige) conclusie: onze zoon heeft geen autisme. Hij volgt gewoon een eigen ontwikkelingspatroon en heeft misschien wel bijzondere aandacht nodig. Die vage zever vind ik persoonlijk vervelender dan een duidelijke diagnose. Maar oké. Wij zijn vooral boos omdat ze conclusies trekt op basis van haar eigen observatie van hooguit een uur en ons verhaal links laat liggen. Net zoals alle informatie die ook de school en het CLB intussen verzameld hebben.

Bovendien heeft de psychiater het bijvoorbeeld over deuren die zouden sluiten als ze een diagnose op onze kleine man zou plakken. In onze ogen gaan er alleen maar deuren open. Op school kan hij hulp krijgen, wij kunnen hulp krijgen, zijn taal kan actief mee ondersteund worden, … Dus hebben we gevraagd om hem toch te testen, ondanks haar advies. Wat ze nu ook gaan doen. Eind deze maand hebben we terug een afspraak en kunnen we eindelijk van start gaan met de diagnostische procedure. Na een viertal gesprekken zal de kinderpsychiater samen met haar team beslissen of er inderdaad sprake van autisme kan zijn en verder testen indien nodig.

Ik vind haar voorzichtigheid in het geven van diagnoses goed. Dat mag zeker zo blijven. Lange tijd heeft men dat niet gedaan en werden er veel kinderen die het eigenlijk niet nodig hadden gelabeld. Als tegenwind daarvoor is er dan de 'pas op met die stempels' beweging gekomen die volgens mij in een diagnose-angst is uitgemond waar we geen stap mee verder komen. In die angst zit onze kinderpsychiater nu vast...

Ze beschouwt een diagnose als iets negatief, als een 'deurensluiter'… Als onze zoon ons één ding geleerd heeft, dan is het dat 'anders zijn' zo mooi kan zijn en helemaal niets negatief is of toch niet hoeft te zijn. Negeren of doen alsof er niets is, dat kan erg negatief zijn. Daar komen wij noch hij een stap mee verder. Sinds wij van zijn autisme overtuigd zijn en hier rekening mee houden in onze aanpak, is hij met grote stappen vooruit beginnen gaan. Een diagnose kan dus echt in positieve zin het verschil maken. Hopelijk zal onze kinderpsychiater dit gauw inzien.

Kroelen met de kleine man.

  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS

"Dag kleine kind" (Over in therapie zijn, over jezelf beter leren kennen, over verandering)

Het fijne aan therapie is dat je jezelf veel beter leert kennen en veel beter met jezelf leert omgaan. Iets is me de afgelopen periode heel duidelijk geworden. Ik weet nu wat me tegen houdt of tegen gehouden heeft om gelukkig te zijn: mijn kleine kind. Dat kleine stukje in mij dat altijd heel droevig en heel boos is gebleven om haar jeugd en alles wat er is misgegaan. Dit bericht is zeker geen eind goed, al goed. Ik zit nog steeds volop in mijn proces. Maar er zijn dagen dat ik me bijzonder goed voel en mag proeven van wat ik hoop de eindrit van deze emotionele rollercoaster te zijn.

Voorlopig is mijn leven er nog één vol ups en downs, waarbij de ups niet hoog genoeg zijn en de downs veel te diep. Als ik iets blijf koesteren is het hoop. Hoop dat het binnenkort allemaal veel beter zal zijn en dat deze brief weer een stapje in de goede richting is.

Dag kleine kind,

Stiekem heb ik je altijd een beetje lastig gevonden. Je bent een heel droevig kind dat vaak aandacht wil. En als je die aandacht niet krijgt, wordt je boos. Boos op mij en boos op de rest van de wereld. Die wereld heeft lang veel van jou gepikt en geslikt, maar stilaan komt daar een einde aan. 

Het is tijd om groot te worden. Je kan geen kind meer zijn. Er zijn nu anderen die de plaats van kind in huis verdienen. Of nee, er is wel plaats voor jou, maar die is is veel kleiner geworden en dat vond je lange tijd maar niks.

Ook ik heb lang veel van jou gepikt en geslikt. Je hebt een groot deel van mijn leven ingenomen. Anderen hadden energie, jij slorpte die van mij op. Anderen gingen werken en dingen doen, ik bleef thuis en wist me geen raad. 

Je verstopte je achter mijn man die als een papa voor jou moest zorgen. Oké, ik verstopte me achter mijn man. Ik werd afhankelijk en kon maar niet de kracht vinden om zelfstandig te functioneren. 

Soms moest ik wel. Dan ging hij naar het buitenland en heel even voelde ik me opleven. Heel even proefde ik hoe het zou zijn om een volwassenen en sterke vrouw te zijn. Maar het koste veel. Veel energie, veel stress. Het werd heel duidelijk dat ik nog veel te leren had.

Toch was het misschien geen vloek maar een zegen want ik weet nu waarnaar ik wil streven.

Misschien is het de truc om je niet lastig te vinden. Wat als ik zou stoppen met je weg te duwen? Wat als ik je bij de hand neem en de weg laat zien?

Gedaan met boosheid, gedaan met verdriet. Dag kleine kind, op naar het geluk.

Kom maar samen met mijn kindjes genieten van je tweede jeugd. Deze keer gaan we het doen zoals het hoort. Zodat je de kans krijgt om uit te groeien tot een fijne vrouw.

BRON: holtinternational.org

Zijn er nog mensen bij wie het mama of papa worden zo'n grote invloed heeft gehad op zichzelf? (Grote persoonlijke verandering, in therapie gegaan, een verwerkingsproces dat terug in gang geschoten is, ...?)

  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS

Hoe mindfulness mij helpt mijn depressie te overwinnen

Hallo, ik ben Ann en ik ben herstellende van een depressie. (Eindelijk kan ik het toegeven!) Een depressie die me zo overvallen heeft dat ik er erg onzeker en angstig van werd. Een nieuwe crash leek om de hoek. Als ik het nu niet had zien aankomen, waarom de volgende keer dan wel? Ik begreep niets meer van mezelf. Ik wist niet wat ik voelde, wat er in mij omging, waarom ik zo emotioneel en eenzaam was. Ann was een groot misterie geworden voor zichzelf. Tot ze de weg naar mindfulness vond...


Twee jaar lag het boek “Haal meer uit je leven met mindfulness” van Marisa Garau in mijn boekenkast. Gloednieuw en onaangeroerd. Tot ik een baby kreeg en een depressie, waarna ik besloot grondig aan mezelf te werken en terug in therapie te gaan. Daar leerde ik dat ik erg functioneerde op automatische piloot. “Wat denk je nu? Wat voel je nu? Wat wordt je in je lichaam gewaar?” Die drie vragen kreeg ik mee naar huis van mijn psychologe. Drie vragen die ik maar al te goed kende en vaak zelf mee gaf als 'huiswerk' aan cliënten. Dat is toch niet wat ik nodig heb, dacht ik eerst. Tot ik de oefening diezelfde week terugvond in het boek van Garau en ze een kans gaf. (Got the hint, universum.) En ja, deze kleine oefening deed me beseffen hoe weinig bewust ik me was van mijn eigen innerlijke wereld. 30 jaar heb ik rondgelopen als een kip met oogkleppen op. Ik deed maar wat. Tot ik frontaal en in volle vaart tegen die grote stenen muur botste en crashte.

Elke weg, ook die naar verandering, begint met kleine stapjes. Lezen in het boek van Garau was daar één van. In enkele duidelijke stappen en op basis van een aantal eenvoudige oefeningen toont ze hoe je van een zeurend, angstig persoon die geleefd wordt kan gaan naar een gelukkig, evenwichtig persoon die leeft. Op haar aanraden laste ik dagelijks momenten van bewust ademen in. Garau beschrijft een korte en een lange ademhalingsoefening. De korte kan je meerdere keren per dag doen; de lange elke dag op een vast moment. Na enkele weken begon ik het effect te voelen en merkte ik dat de dagen waarop ik niet aan haar oefening toekwam veel sneller blokkeerde.

In een volgend hoofdstuk moet de lezer zoeken naar zijn ware dromen en verlangens (en nadien de smoesjes die deze in de weg staan). Omdat ik graag serieus met de oefening aan de slag wou gaan, heb ze een tijdje opzij gelegd. Tot ik wist dat ik een uurtje zonder mijn twee lieve jengelende kindjes had en écht naar mezelf kon kijken op zoek naar de juiste antwoorden. 

Ben jij er ook klaar voor?


Stel jezelf dan de volgende vragen:

Waar droom ik van?
Wat wil ik?
Wat wil ik niet?
Wat heb ik hiervoor niet nodig?
Wat heb ik hiervoor wel nodig?
Wat kan ik doen om dit in werking te zetten?

Mijn antwoorden…

…hoewel ze heel persoonlijk zijn, wil ik ze toch delen. Here it goes.

Ik droom van:
- gelukkig zijn
- gezond zijn
- in balans zijn
- schrijven, dingen creëeren/scheppen
- iets betekenen voor anderen, nu in de eerste plaats mijn kinderen/ man/ gezin

Ik wil:

- op tijd tijd voor mezelf
- geregeld mediteren, tot mezelf komen
- geregeld bloggen, schrijven
- veel tijd doorbrengen met de kindjes en mijn gezin
- op tijd op date met mijn man of momenten voor ons hebben
- geregeld op reis gaan
- mijn zoontje begeleiden en ondersteunen in zijn autisme 
- genieten van mijn kindjes
- leren loslaten
- werken aan mezelf
- mijn eigen weg gaan

Ik wil niet:
- ik wil me niet terug eenzaam voelen en alles alleen doen
- ik wil niet hervallen in de automatische piloot en me ongelukkig voelen zonder te weten waarom
- ik wil me geen zorgen maken of toch zo weinig mogelijk
- ik wil niet zagen of zelfmedelijden hebben
- ik wil de begeleiding van mijn zoontje niet helemaal uit handen geven
- ik wil mijn kindjes beiden voldoende aandacht en liefde geven, onvoorwaardelijk
- ik wil niet te veel meegaan met de stroom
- ik wil niet aan het verleden blijven vasthouden

Dit heb ik niet nodig:
- angst en onzekerheid
- zelftwijfel
- schuldgevoel
- weerstand
- denken dat ik een slechte mama ben
- denken dat ik niet genoeg ben
- passief zijn

Dit heb ik wel nodig:
- Zelfliefde en zelfacceptatie
- Vertrouwen
- Steun
- Gelijkgestemde zielen
- Op tijd actie ondernemen
- Open staan voor nieuwe contacten, vriendschappen, …
- Momenten van reflectie

Dit kan ik doen (of blijven doen) om het in werking te zetten:
- naar de psycholoog en meditatiegroep gaan
- blijven leren en lezen over autisme en tijd maken om met mijn zoontje te werken
- blijven momenten voor mezelf en voor mijn partner vrij maken
- op tijd hulp vragen
- me aansluiten bij een facebookgroep die bij me past (vb. rond langdurig borstvoeden of natuurlijk ouderschap)
- zoeken naar een opleiding of cursus om te volgen
- een praatje beginnen met een mama/papa aan de schoolpoort, buren, wandelaars (sociale contacten!)
- schrijven, berichten posten op mijn blog, gedichten maken
- schrijfcursus terug opstarten of definitief afsluiten (beslissen!)
- het proces aangaan

Dat is mijn lijstje. Het meeste wist ik al en toch gaf het een heel voldaan gevoel om het op te schrijven en allemaal voor mezelf op een rijtje te hebben. Alsof ik eindelijk de blauwdruk in handen had om mijn leven verder vorm te geven.

Ben ik al aan de eindstreep van deze weg? Absoluut niet. Ik voel me nog steeds niet helemaal terug mezelf, ben nog steeds niet terug gelukkig, ... Heel vaak overvalt de 'automatische piloot' mij nog en moet ik me weer helemaal opnieuw herpakken. Er is nog werk aan de winkel. Old habits reallly die hard. Maar ik voel wel dat ik mijn weg gevonden heb. Het doel van mijn reis is duidelijker geworden: geluk.

En toch lijkt iets me nog altijd tegen te houden om in volle vaart op dat doel af te stappen...


Volg mijn blog via Bloglovin

FOTO Origineel: www.tickers4u.com

  • Digg
  • Del.icio.us
  • StumbleUpon
  • Reddit
  • RSS