Het einde van ‘En toen werd ik mama’
Ann is er nog steeds en het gaat goed.
Hallo allemaal. Nog eens nieuws van mij. Gewoon omdat ik er zin in heb. Gewoon omdat het kan. Gewoon omdat ik me afvroeg hoe het nog met jullie is? (Mijn twee trouwe lezers, hihi.)
![]() |
| "Ann is doing okay" |
Met mij gaat het alvast goed, zo goed dat ik dat toch even wou delen. Lange tijd heb ik hier dan ook geschreven over mijn slecht voelen, mijn worstelingen, mijn zoektocht. Niet naar geluk, maar gewoon naar een manier om de dag op een redelijke manier door te komen. Er is nooit een label op mijn toenmalige gemoedstoestand geplakt, maar laten we gerust stellen dat ik met een depressie of burn-out kampte die een heleboel problemen met zich meebracht. Ik lag met mezelf in de knoop, voelde me een beroerde mama (en was dat waarschijnlijk met momenten ook), verloor mijn zin in het leven, verloor bijna mijn man, verloor mijn moeder helemaal en een paar vriendschappen waaronder die met mijn (toen al 17 jaar) beste vriendin.
Maar ik besloot er iets aan te doen. Ik ging op zoek. Ik ging in therapie, leerde dat ik hoogsensitief ben, leerde dat voeding een heel belangrijke basis is die ik veel te lang genegeerd had, begon te mediteren, begon yoga te doen, investeerde in mezelf en in mijn relatie, leerde dat mijn zoontje autisme had en hoe ik daar mee om kan gaan… Het was een hele weg. Het is een hele weg.
Nu ben ik nog steeds in therapie, maar de hoofdvraag is niet meer: “Hoe kan ik me oké voelen? Hoe kan ik terug zin krijgen in mijn leven? Hoe kan ik leren genieten? ...” Centraal staat nu: “Ik heb terug zin en energie; waar ga ik die goesting nu op richten?” Ik ben een opleiding rond hoogsensitiviteit aan het volgen: Hoogsensitief & Happy. Bijna afgerond en zijn naam meer dan waard. Verder ben ik bij een darmtherapeute in begeleiding en ben ik mijn lichaam aan het verzorgen/genezen met de juiste voeding en supplementen. Ik kan nu volmondig zeggen: Ann, je bent goed bezig. Waw, wie had dat vijf jaar geleden gedacht?!
En Corona, dat is alvast iets waar ik niet aan onderuit ben gegaan, maar waarvoor ik de kracht al had om ook daar op een waardige manier mee om te gaan.
Is het perfect? Nee. Maar dat is het leven nooit. Ik las onlangs een o zo ware uitspraak van Bart Peeters: Een relatie is als een coronacurve: als ze niet omhoog en omlaag gaat, dan is het geen relatie meer, dan is het een gewoonte geworden. Een goede relatie zit vol ups en downs en in mijn ogen het leven ook. Anders zou het best saai zijn, toch? Ik kan dat nu accepteren. Ik kan de mindere dagen beter dragen en de goede appreciëren. Bij mezelf, in mijn relatie en in het leven.
En nu genoot ik van die onbedwingbare goesting om te schrijven en hier weer iets neer te pennen. Voor wie het lezen wil. Gewoon omdat het kan.
Operation Day
Zo ja, dan kon ik medicatie nemen om mijn gezwel te laten krimpen (een kuur van drie maanden), maar na die periode zou het myoom onherroepelijk weer beginnen groeien. Dit betekende dat ik de medicatiekuur om de zo veel maanden zou moeten herhalen. Met andere woorden: een straatje zonder einde dat je alleen maar inslaat als je nog een kind wil.
Zo nee, dan zou niet alleen mijn vleesboom, maar ook mijn gehele baarmoeder eruit gaan. Standaard procedure blijkbaar.
Met deze beslissing heb ik een tijd geworsteld. Mijn man en ik willen geen kinderen meer. De peuter en auti kleuter vullen ons leven al genoeg. Een extra kind zou ik eerlijk gezegd niet aankunnen. Dat wil niet zeggen dat het makkelijk is om de baarmoeder waarin ik mijn twee monstertjes gedragen heb, af te geven. En naar mijn gevoel, mijn vruchtbaarheid en daarmee een deel van mijn vrouwelijkheid.
De laatste keer dat ik mijn maandstonden had, nu exact vier weken geleden, was dan ook heel raar en intens. Ik kon niet vatten dat ik nooit meer zou bloeden. Ook al vond ik de krampen en al het gedoe erbij niet leuk (understatement), en werd ik tegenwoordig echt een gigantisch emotioneel wrak die eerste dagen. Weemoedig dacht ik terug aan de eerste keer dat ik ongesteld was, ongeveer twintig jaar geleden. Ik zat in het tweede middelbaar en had examen wiskunde. Normaal was ik een gigantische streefbol die al haar tijd voor een examen gebruikte (al was het maar om alles twee keer na te kijken), maar die keer werkte ik mijn examen snel af en mijn punten konden me geen zier schelen. Toen ik mijn vinger opstak en mijn examen overhandigde met de vraag of ik naar het toilet mocht, keek de leerkracht me met een frons aan. Dit was geen typisch 'Anneke Wouters' gedrag. Of misschien zag ik gewoon lijkbleek. Want toen ik toestemming kreeg en rechtstond, zakte ik meteen door mijn benen en viel flauw.
Ik moest twee dagen in het ziekenhuis blijven en heb daar ondanks de pijn best wel van genoten. De stilte in mijn kamer, eten in bed (al was het typisch ziekenhuiseten), een vroedvrouw die mij de eerste avond heel liefdevol is komen wassen (wat zou ik een goede baby zijn), tv kijken vanuit mijn bed, mijn kinderen op bezoek zien komen maar tegen slaaptijd weer zien vertrekken (wat zou ik een goede grootouder zijn), doorslapen, langer dan tien minuten aan een stuk in een boek kunnen lezen, me kunnen afvragen: wat ga ik de komende vier uur (!!!!!) met mijn tijd doen, … Hemels!








